Inhoud

Localhost pingen

Met het 'ping' commando kun je kijken of een apparaat, bijvoorbeeld een computer, aangesloten is op het netwerk en of hij verbindingen kan aangaan. Met ping stuurt de computer een aantal kleine datapakketjes naar een andere computer of een router op het netwerk en hij wacht op antwoord. De naam 'localhost' of het adres 127.0.0.1 verwijzen naar het 'loopback address' van de computer. Dit adres is niet verbonden aan een apparaat zoals een netwerkkaart. Verwar localhost (127.0.0.1) niet met het ip adres van de netwerkverbinding. Je kunt door localhost te pingen nagaan of de lokale netwerk configuratie in orde is.

Om localhost te pingen kies je in Windows XP start > run (uitvoeren) en typ je 'cmd' (zonder aanhalingstekens). Als je op enter drukt krijg je de command line. In de command prompt typ je 'ping localhost' of 'ping 127.0.0.1'. De output van ping localhost of ping 127.0.0.1 moet er als volgt uitzien.

localhost

Als localhost pingen niet of slecht gaat (TTL expired in transit, of request timed out bijvoorbeeld) dan is er iets mis. Een manier om dit op te lossenkanzijn om het tcp/ip protocol opnieuw te installeren. Onder Windows XP gaat dat met het commando 'netsh int ip reset resetlog.txt'.