Inhoud

Je eerste Java programma

ZO, dan is het nu tijd om een programmaatje te gaan schrijven in Java. Het is tenslotte een cursus Java! Het werken met Java code gaat steed in 3 stappen: code schrijven of aanpassen, code compileren en dan de gecompileerde code uitvoeren.

Code schrijven

Open je favoriete text editor (bijvoorbeeld Notepad++) en neem onderstaande Java-code over.

public class Test { 
  public static void main(String[] args){ 
    System.out.println("Hallo wereld"); 
  }
}

Java werkt met klasses / classes

De bovenstaande code is een klasse, of "class" in het Engels. Klasses herken je door het woord class. Java-code schrijf je altijd binnen klasses. Een klasse kun je zien als een bak waarin je waardes (variabelen, later meer hierover) en gedrag (methodes, later meer hierover) kunt vatten.

Onze klasse heet Test. Het is in Java gebruikelijk om klassenamen met een hoofdletter te schrijven. 

De accolade na het woord Test geeft het begin van de klasse aan. Accolades komen altijd in paren. De allerlaatste accolade van dit stukje code sluit de klasse af.

Methodes 

De Test klasse bevat één methode met de naam "main". Een methode is een klein stukje functionaliteit. Deze methode doet iets heel eenvoudigs. Het schrijft "Hallo wereld" naar de console.

Methodes hebben altijd de volgende vorm

naamVanDeMethode(parameters){}

Het is in Java gebruikelijk om methodenamen te beginnen met een kleine letter en dan voor elk nieuw woord een hoofdletter te gebruiken. Bij de "main" methode merk je echter niets van die schrijfwijze, omdat "main" maar één woord is. 

Na de methodenaam komen twee normale haakjes () met daartussen eventueel "parameters". Parameters zijn gegevens die je door kunt geven aan de methode en waar de code in de methode iets mee kan doen.

Na de haakjes en de (optionele) parameters komen de accolades weer. Net als bij klasses wordt het begin en het eind van de methode gemarkeerd door de beginnende en sluitende accolade.

De main() methode

De main methode is een bijzondere methode binnen Java, omdat deze methode ervoor zorgt dat de klasse direct uitgevoerd kan worden door de Java Virtual Machine. Hoe dat werkt zie je zo.

Methodes kunnen ook allerlei mooie "modifiers" hebben, zoals public, private, protected, static, void, et cetera. Wat die allemaal betekenen gaan we vandaag echter niet bespreken. Misschien in een latere Java-cursus.

Statements

Statements zijn regels Java code. In de main methode staat één statement:

System.out.println("Hallo wereld"); 

Deze statement zegt "schrijf de tekst 'Hallo wereld'" naar de console. De console is in ons geval de  Windows command prompt.

Compileren

Om het programma uit te voeren moeten we het eerst compileren. 

  • Sla de code op als Test.java op een locatie naar keuze, bijvoorbeeld c:\cursusjava\.
  • Open een Windows command prompt (In Windows 7: open het startmenu en type in het tekstveld de tekst 'cmd' en druk op enter)
  • Ga met het volgende commando naar de map waar het Java-bestand opgeslagen:

    cd C:\cursusjava
  • Type het volgende commando om de Java-code te compileren.

    javac Test.java
  • Er verschijnt nu een nieuw bestand genaamd Test.class. De Java compiler bewaart de Java bytecode in class files.

Uitvoeren

Nu we gecompileerde code hebben kunnen we de Java Virtual Machine vragen onze gecompileerde code uit te voeren. Aangezien ons programma een main() methode heeft is het direct door de JVM uit te voeren vanaf de command line.

  • Type het volgende commando in de Windows commmand line.

    java Test 

 Het resultaat staat hieronder.

Test java programma

 

Samenvatting

Je weet nu hoe je Java code schrijft, compileert met het javac commando en tot slot runt met het Java commando.

Je weet ook dat een Java klasse met een main() methode direct vanaf de commandoregel (bijvoorbeeld in Windows) gedraaid kan worden.

Tot slot heb je kennis gemaakt met klasses, methodes en statements. En je hebt een statement geschreven die een stukje tekst naar de console schrijft, namelijk System.out.println(). 

Op de volgende pagina van deze cursus kijken we naar variabelen.